Op 11 september 1874 besloot een 30-tal heren, leden van de roeiclubs Y-stroom, De Zwaluw, Saturnus en Insulinde een roeivereniging op te richten. ‘Voor de naam dier vereniging werd De Amstel gesteld’. Onder die naam waren zij al op de wedstrijden van ‘De Koninklijke’ uitgekomen.

Het eerste botenhuis was het schuitenhuis ‘De Zwaluw’ in de Amsteljachthaven (tegenover het Amstelhotel). In 1878 moest De Amstel verhuizen naar twee bogen onder de Hooge Sluis. Maar ook hier moest De Amstel al in 1882 weer weg. Een andere ruimte was niet te vinden. Een eigen gebouw en botenloods was de oplossing. Zo werd in 1885 het door Quëndag ontworpen houten clubgebouw aan de Amstel bij de Jan Steenstraat betrokken. Dit op palen boven het water staande gebouw heeft tot de afbraak in 1944 alle wel en wee van De Amstel mogen meemaken.

De wereldcrisis bracht voor De Amstel een bijna fataal verval. In 1934 wist het bestuur het herstel van de vereniging te realiseren. Dat resulteerde in een bloei en groei van alle afdelingen: raceroeien, toerroeien en bridgen. Ook uit deze periode dateert het dameslidmaatschap, de Scheeve Pomerans en later het juniorenlidmaatschap. (In 1915 werden er door een skiffeuse al prijzen voor De Amstel behaald). Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwam de grootste slag. In februari 1944 werd op last van de bezetter het clubgebouw afgebroken. De boten werden opgeslagen en vonden na de oorlog onderdak bij de werf Hinloopen aan de Omval, terwijl het sociëteitsleven aan het Westeinde een huis kreeg.

De inmiddels overleden erelid D.M. Severiens is de drijvende kracht geweest die tot de bouw van het huidige clubhuis leidde. In mei 1954 kon de schepping van architect A. Staal aan de Hobbemakade worden betrokken. In de jaren 60 bloeide de vereniging als vanouds. Op de wedstrijdbanen was De Amstel de snelste burgervereniging in vele nummers. Maar ook de andere takken van roeien kenden veel belangstelling. Bijzondere vermelding verdient het Olympische goud dat skiffeur Jan Wienese in 1968 in Mexico behaalde. De zeventiger jaren kenmerkte zich door het eeuwfeest. Memorabel zijn verder het veertig jarig jubileum van bootsman Arie Adams in 1976 (hij zal in 1986 na 50 jaar trouwe dienst afscheid nemen), de uitbreiding van het ledenbestand met junioren van 10 tot 14 jaar, de opkomst van het competitie- en regioroeien en de groei van het veteranenlegioen. In de jaren 80 boekten we met name succes in de lichte heren en juniorenwereld. In 1981 bereikte De Scheeve de 50-jarige leeftijd. Rond de eeuwwisseling is het ledental in nog geen vijf jaar bijna verdubbeld en is De Amstel op het gebied van jeugdroeien een van de grootste verenigingen.

Inmiddels, we schrijven begin 2007, is een taskforce bezig alle opties met betrekking tot ons clubgebouw helder te krijgen. Daarvoor zijn twee redenen. Een: het stadsdeel heeft plannen om op de locatie van De Amstel een nieuw stadsdeelkantoor te bouwen waarin ook De Amstel onderdak moet krijgen. (update informatie: eind 2007 is door het Stadsdeel besloten dat deze locatie niet meer in aanmerking komt voor een een nieuw stadsdeelkantoor). En twee: er zal hoe dan ook aan groot onderhoud moeten worden gedaan. Het gebouw is ruim 50 jaar geleden gebouwd voor ca. 350 leden met de bouwtechnieken van toen. Die voldoen niet meer in deze tijd, en niet alleen omdat het ledental meer dan verdubbeld is. De toekomst kan echter met vertrouwen tegemoet worden gezien dankzij een gezonde financiële situatie, een gezond ledental en een moderne uitgebreide vloot.